Digitale detox: 48 uur alleen op een eiland

img_0740

Journalist Esmir zit 48 uur alleen op een eiland: zonder telefoon en zonder sociale media. Wat doet het met je als je nul digi-prikkels krijgt? Lees hier haar verhaal.

Als de wekker gaat, pak ik altijd als eerste mijn mobieltje om de sociale kanalen te openen en door alle nieuwe berichten te scrollen. En dito voor het slapengaan. Soms tot ongenoegen van mijn partner, die er overigens ook een rijk digitaal leven op na houdt. Mijn iPhone heb ik altijd binnen handbereik of in het zicht liggen. Er gaan nog geen tien minuten voorbij of ik kijk, tik of typ erop. En per ongeluk de deur uit zonder telefoon is blinde paniek. Hoezo smartphoneverslaafd? 

Toch ben ik benieuwd wat een paar dagen geheelonthouding met me zou doen. Want ik weet natuurlijk ook wel dat mijn smartphonegedrag nou niet bepaald goed voor me is.

Het bedrijf Zwier organiseert digitale detox-tripjes op een onbewoond eiland in De Vinkeveense Plassen. Meteen krijg ik visioenen van een tropisch strand met palmbomen, een hangmat en een cocktail, terwijl ik mezelf goeroe-zen mediteer. Deze digitale detox komt als geroepen, ook al is mediteren niet mijn ding en wordt het vast minder exotisch dan ik hoop.

Een paar uur voor mijn zelfgekozen isolement, lees ik op internet (nu kan het nog!) dat veel mensen liever kiezen voor een milde elektrische schok dan voor een kwartiertje alleen zijn, volgens een studie van Virginia University. Met gezonde spanning, zin en een vleugje masochisme ga ik 48 uur lang mijn solo-avontuur zonder telefoon en sociale media tegemoet.

 

Dag 1 – Time to log off 

Voordat ik met de schipper en een krat met eten en drinken op de boot stap, is het tijd om mijn smartphone in te leveren. In ruil daarvoor krijg ik een oude Nokia mee voor noodgevallen. Om eerlijk te zijn, kost deze ruilactie me weinig moeite. Misschien omdat we meteen daarna in een sloepje stappen en de haven uitvaren. Daarbij ben ik de afgelopen uren nog even los gegaan op mijn telefoon en kreeg ik van mijn achterban talloze last-minute survival-tips geappt.

Na 20 minuten varen, meren we aan bij het onbewoonde eiland. Ai… Het is véél kleiner dan ik er in mijn fantasie van had gemaakt. Geen urenlange expedities naar kokosnoten en mangobomen. In een halve minuut ben ik mijn eilandje rond en ik kom nog geen bes tegen. Het eiland, dat overigens geen naam heeft, bestaat uit niet meer dan een mini houten tuinhuisje met aan de voorkant een tuin van ongeveer twintig bij zeven meter. That’s it. Wat ga ik hier in godsnaam al die tijd doen?

 

Ontwenningsverschijnselen

Alleen de hangmat klopt met de beelden uit mijn fantasie. Daarnaast is er een buitentafel met banken, een ligstoel en een vuurkorf. Ik draai de ligstoel naar de zon. Het water kabbelt in onregelmatige plooien voorbij. Twee eenden dobberen heel “zen” voorbij en een gans vliegt loom over het water. De enige mismatch ben ik zelf. Mijn ademhaling zit hoog en gaat oppervlakkig snel. De tijd staat hier stil, alleen ik nog lang niet. Op een klein eiland als dit is de afleiding minimaal en ben je totaal op jezelf aangewezen. Hoe maak ik van dit saaie vooruitzicht iets leuks of inspirerends?

Eerst maar een kop thee. Het water uit de jerrycan sijpelt langzaam in de fluitketel die ik op het mini-gaspitje zet. Zucht. Zelfs thee zetten, appelleert aan de relaxte eilandmodus. Maar als je daar nog niet in zit, is het langzame tempo best frustrerend. Thuis vul ik dit soort wachtmomenten met mijn telefoon. Dan ben ik gevoelsmatig toch nog nuttig bezig. Gek genoeg heb ik sinds ik hier ben, al vijf keer gedacht dat mijn de telefoon ging of dat ik een berichtje binnenkreeg#fantoompijn.

Benieuwd naar wat er de komende dagen op het menu staat, struin ik door het krat eten dat de organisatie voor me heeft neergezet. Pasta, brood, kaas, fruit, nootjes, komkommer, pompoen, verse kruiden. Eh, geen wijn?

De ketel fluit. Ik giet het water meer naast het kopje dan erin en graai in de weckpot met theezakjes. Als ik de rooibos eruit vis, komt de rest mee omhoog. Alle touwtjes zitten als één grote kluwen aan elkaar vast. Omdat de meeste zakjes groene thee zijn, wat ik niet lekker vind, doe ik een poging de rooibos er tussenuit te frummelen. Voorlopig hoef ik toch nergens heen en voor ik het weet, peuter ik erop los. Pfff, onbegonnen werk, al die ragfijne draadjes en honderden knopen. Maar na een tijdje verandert mijn frustratie in een ongekend diepe focus. Een fijne bijkomstigheid is dat ik merk dat ik tot rust kom en de tijd vergeet. Ik zie alleen nog de draadjes van de zakjes en welke waar onderdoor of bovenlangs moet. Het theewater is inmiddels weer dezelfde temperatuur als voordat het op het vuur ging. Dan verandert mijn hyperfocus in adrenaline: ik ben er bijna. Eén zakje is al los, nog vier te gaan. En niet lang daarna zijn ook de andere zakjes ontknoopt #geluksmomentje.

Ik had er een leuke tweet van kunnen maken #nieuwehobby, lach ik in mezelf. Ik kan het niet laten om op de Nokia te gluren om te zien hoe laat het is: de theezakjestherapie moet ruim 2 uur hebben geduurd. Voldaan plof ik in de strandstoel. Opvallend veel rustiger en mét thee dit keer.

 

De interne stalker

En nu?, klinkt het stemmetje weer in mijn hoofd. Wat zou het heerlijk zijn om iemand te kunnen appen. Al 2 keer zie ik de witte noodtelefoon aan voor mijn eigen witte iPhone en wil ik erop klikken of er nog nieuwe berichten zijn. Ik schrik ervan hoe diep deze gewoonte zit.

Tussen de foto’s die ik met mijn ouderwets grote fototoestel maak (selfies zijn niet te doen), zitten een paar Instagram-proof pics. #ikwilwifi

Een twintiger maakt in zijn hele leven zo’n 25.700 selfies en wereldwijd worden er elke dag 93 miljoen selfies geschoten, volgens het boek Off, verbeter je leven met een digitale detox(van Tanya Goodin). En dat terwijl een real life compliment aan iemand meer impact heeft dan een emoji duimpje of hartje.

De stalker in mijn hoofd roeptoetert dat ik me verveel. Dan maar mijn warmste kleren aan en met twee dekens, een kussen, boek, thee en chocola in de hangmat. Ik lees Shinrin-yoku, de kunst en wetenschap van het bosbaden, van dr. Qing Li, over het helende effect van de natuur. Het schijnt dat zelfs een paar minuten naar de kleur groen kijken, je stresslevel omlaag brengt. Planten, bomen en bloemen hebben hetzelfde effect #hoopvol.

 

Dag 2 – Van de radar verdwenen

Na een goeie nacht (met nachtmerrie over een gewapende inbraak) is mijn eerste impuls om mijn telefoon te pakken. Dat ik niet wakker kan worden met Instagram, Facebook en Twitter voelt ongemakkelijk. Het maakt me zelfs onrustig. En ik wil mijn vriend appen. Een douche is er ook niet. Wel genoeg water om me heen. Al is dit nog kouder dan het water uit de jerrycan. Kon deze digi-lover maar even wat foto’s van mijn knusse kabouterhuisje versturen. Of de weer-app raadplegen, want het is minder zonnig dan voorspeld. Ik ontdek het gastenboek: de analoge vorm van sociale media. Ik blader door de berichtjes van mijn voorgangers. Deze laten zich het beste samenvatten in #onthaasten.

Uit EEG en MRI-scanonderzoek blijkt dat je hersenen tijdens verveling switchen van bètagolven naar alfagolven. Deze switch is nodig om écht tot rust te komen. Eerst tussen de oren, de rest volgt vanzelf. Een ander effect van verveling is dat het je vindingrijk maakt. En dat kan ik volmondig beamen. Zo vul ik een eierdop met aarde als wierrookhouder. En doordat er maar 3 lekkere theezakjes zijn, ontdek ik dat ik thee van verse basilicum, peterselie en een ander niet-thuis-te-brengen-kruid zelfs lekkerder vind dan rooibos! Dit soort succesjes voelen op dit eiland als een persoonlijke overwinning #survivalmodus.

 

The beach-life 

Ik weet niet of de 5 al in de klok zit, maar ik ga borrelen! En dus struin ik door het overlevingskrat met eten. Met een plateau vol lekkers, weliswaar zonder drank, ga ik naar buiten: brood, boter, 3 soorten tapenades (zeewierpesto, muhamarra, humus van zoete aardappel), olijven, blokjes kaas en stukjes wortel. Je zou haast denken dat ik vrienden op bezoek krijg. En eerlijk is eerlijk, een gin tonic, muziekje via spotify en een instagram-post zou mijn eilandleven compleet maken. In plaats daarvan spring ik even later in het ijskoude water van de Vinkeveense Plassen. Brrr, brainfreeze!

Na lang zwoegen, lukt het om met de papieren wikkels van de chocoladereep, het kaaspapiertje en wat gesprokkelde takken zelf vuur te maken #girlpower. Ik heb geen drank meegenomen, maar wél marshmallows. Geroosterd aan het spit zijn ze #hautecuisine.

 

Less is more

Less is more is een kreet op de website van Zwier: minder schermen en technologie, geven meer rust en ontspanning. Ik kom er op het eiland steeds meer achter dat het voor sociale media ook geldt: more sociale media is less ontspanning, rust én tijd. 

Daniëlla Postma, van Psychologen Nederland: “We spenderen gemiddeld drie tot vijf uur per dag aan onze telefoon. Daardoor laat je ongemerkt andere dingen in je leven liggen, omdat je er geen tijd voor hebt – zo denk je. Welke hobby of persoon verdient meer aandacht? Wil je een boek schrijven, maar kom je er niet aan toe?” Bam, ze slaat de spijker op z’n kop. Al twee jaar heb ik een verhaallijn in mijn hoofd. Maar het kom er niet van om het te schrijven #inzicht. Na het ontbijt ga ik zitten met pen en blocnote (ook in het overlevingskrat) en schrijf ik tot ik kramp krijg in mijn vingers. Dit voelt zó goed!

 

Terug naar de bewoonde en online wereld

De boot meert aan, mijn 48 uur zitten erop. De hunkering naar mijn telefoon is niet veel minder geworden. Misschien is 48 uur voor een zwaar geval als ik net te kort om écht af te kicken? Maar de rust en stilte in mij is enorm toegenomen. Ik voel me diep connected met mezelf én heb een nieuw doel: dat boek schrijven.

Hoewel ik zin heb om de bewoonde wereld weer in te gaan, voel ik ook de druk die de online-wereld met zich meebrengt. Want naast de likes en berichtjes (ik had 26 appjes en 51 mails) zijn er ook de moetjes. Dus mijn voornemen en inzicht na dit avontuur: vaker online uitchecken en vaker in real-life inchecken #diep.

 

Wist je dat..?

We dagelijks gemiddeld 2.617 keer op onze telefoon kijken, tikken, klikken en swipen?

Bron:  De universiteiten Basket en Karatay in Turkije.

 

Zo las je zelf een digi-detox in

  • Bepaal wat digi-vrije zones in jouw huis zijn, zoals de wc en de bad- en slaapkamer.
  • Maak van je lunchpauze digi-detox-time. Hoe? Laat je smartphone bij je computer achter als je een ommetje maakt.
  • Door elke dag te schrijven, train je je concentratievermogen. Ook al zijn het een paar minuten. De verbinding tussen je hand en je hersenen stimuleert het hersengebied dat niet wordt geactiveerd wanneer je typt, volgens Indiana University.
  • In flow zijn, is dé manier om je focus te trainen (dáág Monkey brain!). De flow krijg je met creatieve bezigheden, zoals koken, puzzelen, schrijven, tuinieren (én theezakjes ontrafelen).

 

Bekijk ook het backstage filmpje van Esmir op sante.nl 

Dit artikel is gepubliceerd in Santé juli 2018.

img_0741 img_0742 img_0743 img_0744 img_0745

 

 

 

Geef als eerste een reactie